jurisprudentie concurrentiebeding contract bepaalde tijd

Sinds de invoering van de WWZ is een concurrentiebeding in een Arbeidsovereenkomst voor BEPAALDE tijd slechts geldig indien het onderbouwd wordt.

 

Onduidelijk was aan welke eisen zo een onderbouwing zou moeten voldoen. Een kantonrechter heeft nu uitspraak gedaan in een zaak; daarmee wordt in ieder geval duidelijk dat het echt moeilijk zal zijn door de strenge 'keuring' te komen. Deze werkgever had toch echt zijn best gedaan; de onderbouwing luidt als volgt:

 

 

 

 

" DPA heeft zwaarwegende bedrijfsbelangen die het in de arbeidsovereenkomst opnemen van het relatiebeding en concurrentiebeding zoals opgenomen in lid 1 en lid 2 van dit artikel noodzakelijk maken. DPA hecht veel waarde aan opleiding van haar medewerkers, hetgeen betekent dat zij veel tijd in opleiding investeert en hiervoor ook kosten worden gemaakt. Dit geldt in het bijzonder voor de functie van Consultant Banking & Insurance van de medewerker. Verder zal de medewerker in zijn functie van Consultant Banking & Insurance al direct vanaf de aanvang van het dienstverband kennis verwerven van het door DPA opgebouwde netwerk, het marktgebied, de behoeften en de werkwijze van DPA. Gelet op de zeer concurrentiegevoelige detacheringsbranche waarin DPA opereert, bestaat er wegens de bij DPA specifiek verworven kennis en kunde vrees voor benadeling van DPA indien de medewerker na beëindiging van de arbeidsovereenkomst in strijd handelt met het in lid 1 en/of lid 2 van dit artikel opgenomen relatiebeding en/of concurrentiebeding. De bij DPA specifiek verworven kennis en kunde zou door de medewerker immers kunnen worden aangewend om, direct of indirect, concurrerende activiteiten te verrichten.

 

De kantonrechter vond dit - kort gezegd - niet specifiek en concreet genoeg...

 

Advies: het is dus zaak nog duidelijker aan te geven waarom déze werknemer in zijn functie aan een concurrentiebeding moet (mag) worden gehouden.

 

u kunt de hele uitspraak nalezen op http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBAMS:2015:4864